SGP jaaroverzicht 1983

Uit: Paul Lucardie en Ida Noonen, Het partijgebeuren. Kroniek van de partijpolitieke gebeurtenissen van het jaar 1983', in: R.A. Koole (red.), Jaarboek 1983 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen 1984), XIII-XLII, aldaar XXXVII- XXXIX.


In 1983 bestond de SGP vijfenzestig jaar. Dit feit werd herdacht op de (besloten) Algemene Vergadering op 26 februari. Partijvoorzitter Hette Abma besteedde er in zijn partijrede 'In 't oog Zijn daân' aandacht aan. De fractievoorzitter van de SGP in de Tweede Kamer Henk van Rossum verzette zich in zijn rede heftig tegen aantasting van het bijzonder onderwijs. Hij verweet de niet-confessionele partijen dat ze bezuinigingen in het onderwijs steeds meer zochten in het doorbreken van de verzuiling. Koert Meuleman en Van Ommeren werden herkozen in het hoofdbestuur. Naar aanleiding van de herbenoeming van Van Ommeren werd wel door een kiesvereniging opgemerkt dat de Gereformeerde Gemeenten in Nederland op dat moment niet in het hoofdbestuur vertegenwoordigd waren. Abma zegde toe dat daar in de toekomst rekening mee gehouden zou worden. De herverkiezing van Leusink werd opgeschort. Rond zijn persoon was in de SGP-gelederen een conflict ontstaan. De Landelijke Stichting tot handhaving van de staatkundig gereformeerde beginselen (een oppositionele conservatieve vleugel binnen de partij) had middels een brief aan alle kiesverenigingen felle kritiek geleverd op het feit dat Leusink als wethouder van Nunspeet zou hebben ingestemd met het beschikbaar stellen van financiële middelen voor de zondagssport. Ook de door het hoofdbestuur voorgestelde tegenkandidaat van Leusink, Hardonk kon geen genade vinden in de ogen van de Stichting, omdat hij zich als SGP-burgemeester niet gekeerd zou hebben tegen de subsidiëring van een katholieke vrouwenorganisatie. De Stichting stelde als eigen kandidaat Pieters voor. Naar aanleiding van deze brief verscheen in het partijblad De Banier een 'dringende mededeling' van het hoofdbestuur, waarin de conclusie van de Stichting dat Leusink en Hardonk in strijd met de beginselen van de SGP gehandeld zouden hebben, 'verregaand overtrokken en niet te rechtvaardigen' werd genoemd. Het hoofdbestuur was echter bereid een en andere nauwgezet te onderzoeken. 

In september bracht een partijcommissie onder leiding van Van Rossum een rapport uit waarin de oorzaken werden onderzocht van het stemmenverlies van de SGP bij de Tweede Kamerverkiezingen in 1982. Het rapport signaleerde drie ontwikkelingen: 1) een verlies naar andere partijen met wat extra accent op de RPF; 2) een groot aantal thuisblijvers; 3) vergrijzing van het kiezersbestand. De commissie deed een aantal aanbevelingen om de SGP aantrekkelijker te maken voor (jonge) kiezers. Allereerst was een nadere profilering van de partij nodig 'omdat er onduidelijkheid bestaat over de plaats van de SGP'. Verder moesten de kiesverenigingen erop toezien 'dat in besturen en fracties een evenwichtige verdeling over de leeftijdsgroepen aanwezig is'. Het hoofdbestuur moest in samenwerking met regionale besturen werken aan een betere communicatie. binnen de partij door middel van 'open gesprekken' met als thema: 'Wat willen we in deze tijd als SGP?' Tenslotte pleitte de commissie voor het aanstellen van een persvoorlichter die het werk van de SGP naar buiten toe moest vertalen, zodat de partij een grotere bekendheid zou krijgen. In juli besloot het hoofdbestuur van de SGP de RPF en het GPV voor testellen met één gemeenschappelijke lijst deel te nemen aan de Europese Verkiezingen van 1984. Dit besluit moest nog bekrachtigd worden op de Algemene Vergadering van februari 1984.

Laatst gewijzigd: 1 11-06-2021 12:31:05