Forum voor Democratie partijgeschiedenis

Thierry Baudet, de gepromoveerde jurist en publicist die de partij heeft opgericht, behoorde in 2013 tot de initiatiefnemers van het burgerinitiatief tegen het verdrag van de EU met Oekraïne. Dank zij dit burgerinitiatief werd hierover in april 2016 een referendum gehouden waarbij een meerderheid van de opgekomen kiezers het verdrag afwees. In de aanloop naar het referendum had Baudet het Forum voor Democratie opgericht, dat als denktank echter ook een breder doel zou moeten dienen: de vernieuwing van de democratie in Nederland. Het Forum organiseerde openbare debatten in Amsterdam en andere steden. In september 2016 presenteerde Baudet samen met zijn promotor Paul Cliteur (hoogleraar Encyclopedie van het recht in Leiden) een rapport over het referendum aan de PVV, die de aanbevelingen meteen overnam. De verrassing was groot toen hij kort daarna aankondigde met het Forum aan de Tweede Kamerverkiezingen van 2017 te gaan deelnemen. Zelf noemde hij (in een interview met Elsevier van 8 oktober 2016) als belangrijke reden de weigering van de regering om het besluit van het referendum uit te voeren.

Volgens de statuten van de partij is haar hoofddoel: ‘een democratischer Nederland en doorbreking van het partijkartel, onder andere door de invoering van bindende referenda, bindende volksinitiatieven, direct gekozen burgemeesters en e-democracy’ (Statuten FVD, artikel 2). Het bestaande systeem is in feite een 'partijkartel': circa 10.000 actieve leden van gevestigde partijen die de macht verdelen, niet alleen in regering en parlement maar ook bij de gemeenten, de publieke omroep, de zorg en andere instanties. Om dat kartel te doorbreken wil het Forum bindende referenda en directe verkiezing van burgemeesters invoeren, maar ook meer partijloze bestuurders rekruteren. Het lidmaatschap van de Europese Unie, het Schengenverdrag (open grenzen zonder controle van personen) en de voorrang van Europees recht boven nationaal recht zouden in een referendum aan de bevolking voorgelegd moeten worden. In het verkiezingsprogram van 2017 wordt bovendien directe verkiezing van de minister-president voorgesteld. Democratie is volgens Baudet alleen mogelijk in het kader van een soevereine natiestaat. Dat betoogde hij al in zijn proefschrift met de veelzeggende titel ‘The Significance of Borders: Why Representative Government and the Rule of Law Require Nation States’ (Leiden, 2012). Het FVD wijst de Europese Unie af en pleit dan ook voor een ‘Nexit’. De partij wil voorts immigratie beperken en remigratie bevorderen ‘waar integratie (assimilatie) mislukt’ (Verkiezingsprogramma 2017-2021, p.18). Haar nationalisme heeft feitelijk een etnisch karakter – volgens tegenstanders zelfs ‘racistisch’, maar dan wordt die term zodanig uitgerekt dat ‘ras’ niet meer te onderscheiden is van ‘etnische groep’ of ‘cultuur’. Het verkiezingsprogramma ademt verder een conservatief-liberale geest: lagere belastingen, soepeler ontslagrecht, minder regels en minder ambtenaren, strengere straffen voor geweldsdelicten, salarisverhoging voor politieagenten op straat; asielbeleid naar Australisch model: selectieve opvang van vluchtelingen en alleen tijdelijke arbeidsmigranten; vereenvoudiging en verlaging van belastingen, te realiseren door bezuiniging op ontwikkelingshulp, subsidies (niet verder gespecificeerd) en een minder partijdige publieke omroep; maar ook onderwijs naar Fins model, dat wil zeggen meer academici voor de klas en een forse salarisverhoging voor onderwijzers en leraren.

Op het eerste gezicht vormen doelstellingen en programma van het FVD een tamelijk consistent geheel. Toch tekenden zich al gauw twee vleugels af binnen de snelgroeiende partij. Daarbij spelen zoals altijd persoonlijke tegenstellingen en ambities een rol, maar toch ook strategische en ideologische verschillen. De ene vleugel zou men gematigd conservatief-liberaal kunnen noemen, misschien ook gouvernementeel gezind. Hij bestaat voor een belangrijk deel uit voormalige VVD’ers die het FVD als potentiële regeringspartij en als euro sceptisch alternatief voor hun moederpartij zien. Evenals de VVD zou het FVD een democratische ledenpartij moeten worden waar formeel het partijbestuur verantwoording aflegt aan het partijcongres. De andere vleugel zou ik radicaal-conservatief of reactionair-conservatief en oppositioneel willen noemen. Deze heeft meer affiniteit met de PVV (en voorganger LPF) dan met VVD of CDA. Een van hun voormannen is Henk Otten, penningmeester, ooit actief in de Lijst Pim Fortuyn (LPF) en in 2019 de eerste kandidaat voor de Eerste Kamer. Volgens hen moet het FVD geen bestuurderspartij worden maar een radicale beweging die oppositie tegen het systeem en ‘de elite’ mobiliseert onder de krachtige en charismatische leiding van Baudet. Leden mogen meedenken maar moeten hem niet voor de voeten lopen. Contacten met ‘alt-right’ denkers horen hierbij.

En waar staat Baudet? Een tijd lang leek hij tussen de twee vleugels in te staan. Dat zou op verstandig leiderschap kunnen duiden, maar weerspiegelde waarschijnlijk ook zijn eigen tweeslachtigheid. In interviews noemde hij immers vaak twee zeer uiteenlopende inspiratiebronnen: de aristocratische liberaal Alexis de Tocqueville (1805-1859) en de reactionair-conservatieve Oswald Spengler (1880-1936). Beide denkers worden wel conservatief en nationalistisch genoemd. De Franse graaf echter accepteerde in wezen de democratisering van staat en samenleving die hij in Amerika observeerde en ook in Europa onvermijdelijk achtte (in zijn meest bekende werk, De la démocratie en Amérique). De Duitse intellectueel (vooral bekend door zijn magistrale Der Untergang des Abendlandes) hoopte de ondergang van de Europese cultuur (het Avondland) uit te stellen door terug te keren naar een autoritair en imperialistisch regime, geleid door een nieuwe Caesar. Baudet zal ongetwijfeld niet zo ver willen gaan, maar verlangt wel naar een nieuwe elite die weer ‘richting’ geeft en ‘de heelheid van de wereld die er voor de Eerste Wereldoorlog was’ gaat herstellen (in tweegesprek met schrijver Tommy Wierenga, Vrij Nederland juni 2017).

In februari 2018 kwam de latente spanning tussen de vleugels tot uitbarsting. Baudet koos uiteindelijk voor Otten c.s. en liet critici zoals bestuursadviseur Robert de Haze Winkelman, oud-senator voor de VVD, royeren. Een aantal leden – volgens de partijtop hooguit twintig – zei daarop zijn lidmaatschap op.

De organisatie van de partij bood de dissidenten weinig ruimte. Alle macht ligt feitelijk bij het partijbestuur, dat niet alleen leden kan royeren – dat is bij de meeste partijen het geval – maar ook kandidaten selecteert voor verkiezingen van Kamer, Provinciale Staten en gemeenteraden. Provinciale en lokale afdelingen zijn ‘informele overlegplatforms’ zonder besluitvormende bevoegdheden (Huishoudelijk reglement, art 8). Het partijbestuur wordt door het congres gekozen, maar op bindende voordracht van het bestuur zelf. Het congres kan die alleen met een twee-derde meerderheid afwijzen.

Het ledental groeide snel, via 750 in oktober naar 1400 medio december 2016, 6000 in maart 2017, 23.000 in januari 2018 en 31.000 in januari 2019.

Op 15 maart 2017 won het Forum ruim 187.000 stemmen (1,8%), voldoende voor twee zetels in de Tweede Kamer, die bezet werden door Baudet en Hiddema. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2018 won de partij drie zetels in Amsterdam.

Laatst gewijzigd: 1 30-07-2019 10:23:09