SGP jaaroverzicht 1996

Uit: J. Hippe, P. Lucardie, I. Noomen en G. Voerman. 'Kroniek 1996. Overzicht van de partijpolitieke gebeurte­nissen van het jaar 1996' in: G.Voerman (red.), Jaarboek 1996 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen 1997), 13-87, aldaar 74-79.

inleiding

In 1996 kwam er aan een jarenlang slepende kwestie in de SGP formeel een einde. Aan het begin van het jaar besloot een speciale huis­houdelijke vergadering tot de invoering van het buitengewone partij­lidmaat­schap voor mannen en vrouwen. Het probleem was hiermee echter nog niet geheel de wereld uit. Een niet onbelangrijk deel van de SGP hield duidelijke bezwaren tegen deze con­struc­tie.

betrokkenheid van de vrouw

Op 27 januari vond de huishoudelijke vergadering van de SGP plaats, waar beslist moest worden over het op Prinsjesdag 1995 door het hoofdbestuur ingediende voorstel omtrent de positie van de vrouw in de partij. Dit voorstel hield in dat in de statu­ten bepaald zou worden dat het gewone partijlidmaatschap alleen open zou staan voor mannen en dat daarnaast de moge­lijkheid van het buitengewoon lidmaatschap zou worden opgeno­men, waar­voor zowel mannen als vrouwen in aanmerking zouden komen. Deze buitengewone leden mochten geen bestuursfunctie in de partij vervullen, niet deelnemen aan stemmingen in de par­tij, niet naar hogere partijvergaderingen worden afgevaar­digd en niet kandidaat worden gesteld voor vertegenwoordi­gende licha­men (zie verder Jaarboek 1995 DNPP, blz. 79-80).

Centraal in het debat tijdens de huishoudelijke vergade­ring stond de vraag of het meediscussiëren tijdens vergade­ringen nu wel of niet een aspect van het regeerambt is, welk ambt naar SGP-opvatting niet aan de vrouw toekomt. De afge­vaardigden die het hoofdbestuursvoorstel te ver vonden gaan, gaven op deze vraag een positief antwoord. Amendementen uit deze hoek die de betrok­kenheid van vrouwen wilden afzwakken, kregen geen meer­derheid - laat staan de vereiste tweederde. Het voorstel van het hoofd­bestuur werd uiteindelijk met 356 tegen 167 stemmen aangenomen. Voor de twee­derde meerder­heid waren 349 stemmen nodig.

SGP-voorzitter ds. D.J. Budding en de ­voor­zitter van de Twee­de-Kamerfrac­tie B.J. van der Vlies waren verheugd over deze uit­slag. De laatste zei dat hij zich er voor zou inzetten de tegen­standers van het hoofdbestuursvoorstel bij de partij te houden. De voorzit­ter van de 'Landelijke Stichting ter bevor­de­ring van de Staatkun­dig Gereformeerde beginselen', P.H. op 't Hof, was teleurgesteld. Afgezien van het feit dat een buiten­gewoon lid­maatschap van vrouwen voor hem al niet aan­vaardbaar was, vreesde hij dat dit buitengewo­ne lidmaatschap binnen niet al te lange tijd een volwaardig lidmaatschap zou worden. In maart adviseerde het stichtingsbestuur aan SGP-ers in plaatse­lijke kies­verenigingen die vrouwen als buitengewoon lid accep­teer­den, hun lidmaatschap op te zeggen (zie ook Jaarboek 1995 DNPP, blz. 80).

Het hoofdbestuur had op de huishoudelijke vergadering toege­zegd om de verworven rechten van vrouwen die al lid waren, niet aan te tasten. Tot deze kleine groep behoorde mevr. R. Grabijn-van Putten. Zij speelde een belang­rijke rol in de ver­wikke­lingen rond het partijlidmaatschap van vrouwen, die de afgelo­pen jaren in de SGP hebben plaatsgevonden. Haar visie hierop legde zij neer in het boek Ik wil het gewoon vertellen. Over vrouwen­lidmaat­schap van de SGP, dat begin juni ver­scheen. Het kreeg een kriti­sche bespreking van de algemeen secretaris van de SGP, Nieuwenhuis (zie De Banier, 18 juli 1996). Grabijn ant­woordde hierop in het Neder­lands Dagblad van 1 augustus. De beide scribenten verschilden met name met el­kaar van mening over de vraag of Gra­bijn in 1984 op uit­no­diging - of op zijn minst met toestemming - van het toenma­li­ge SGP-hoofdbe­stuur volwaardig lid was geworden van de Haagse kiesvereniging van de SGP.

De kwestie van de politieke participatie van vrouwen speelde ook een rol bij de relatie van de SGP met het GPV en de RPF. Zie hiervoor in deze Kroniek onder GPV.

algemene vergadering

Op 24 februari hield de SGP haar algemene vergadering. De agen­da van deze vergadering had een wat andere opzet gekregen in vergelijking met vorige jaren. Deze wijziging was aange­bracht in het kader van het streven van het hoofdbe­stuur om de communicatie tussen partijleiding en ach­terban te verbe­teren en ook om de vergadering levendiger te maken. De be­lang­rijk­ste verandering was dat partijlei­der Van der Vlies de partij­rede niet meer in zijn geheel uit­sprak, maar zich beperk­te tot een aantal hoofdzaken. Van der Vlies zei onder andere dat het sociaal minimum te lang was achtergebleven bij de loonontwik­ke­ling. Om die reden wenste de Tweede-Kamerfractie van de SGP dat de bijstandsuitkering vooral voor gezinnen substantieel zou worden verhoogd. Na zijn toespraak kon aan een forum be­staande uit de vijf SGP-parlemen­tariërs vragen worden gesteld. Tijdens dit forum zei SGP-senator G. van den Berg dat het hem de moei­te waard leek om te proberen te komen tot een oproep van pre­dikanten en an­dere vooraanstaanden, waarin gevraagd wordt niet te kopen bij winkeliers die op zondag opengaan.

De vergadering werd verder toegesproken door de voorzitter van de SGP-jongeren, J.P. Tanis. Deze werd overigens ook tot lid van het hoofdbestuur verkozen in de vacature die was ontstaan door het vertrek van penningmees­ter J. Pijl. Als penningmees­ter werd Pijl opgevolgd door het zittende HB-lid J.D. Heij­kamp. Tijdens de vergadering werd afscheid genomen van Pijl. Vanaf 1972 maakte hij deel uit van het hoofd­bestuur, waarin hij vanaf zijn aantreden de functie van pen­ningmeester vervul­de. Van 1983 tot 1990 was hij ook hoofd van het partij­bureau van de SGP. Dankwoorden waren er ook voor het teruggetreden Eerste-Kamerlid H.G. Barendregt. Deze was in 1983 lid van de senaat geworden.

Door het hoofdbestuur werd nog medegedeeld dat een onderzoek naar de mogelijkheid om het lidmaatschap van de partij te koppelen aan een abonne­ment op De Banier een nega­tief resul­taat had opgeleverd. Gevreesd moest worden dat bij het door­zetten van die koppeling velen als lid zouden bedan­ken.

partijcommissies

Het hoofdbestuur van de SGP stelde in 1996 een tweetal commis­sies in. Op 6 januari was dat de Commissie Algehele Herzie­ning Statuten en Algemeen Reglement. De opdracht aan deze commis­sie was technisch van aard. De tekst van de statuten en het regle­ment moest getoetst worden aan interne en externe be­sluitvor­ming, bestuurlijke ontwikkelingen en op onderlinge samenhang. In zijn vergadering van 31 mei benoemde het hoofdbe­stuur een commissie die het hoofdbestuur op korte termijn moest advise­ren aangaande de gebruiks(on)mogelijkhe­den van Internet voor met name de SGP.

regionale vergaderingen

Op 31 mei besloot het hoofdbestuur tevens om in het vergader­sei­zoen 1996-1997 een tiental regionale vergaderingen te beleg­gen. Met dit soort bijeen­komsten was al ervaring opgedaan ter voorbe­reiding van de huishoudelijke vergadering in januari over de positie van de vrouw in de partij. De nu geplande regionale vergaderingen zouden ertoe moeten bijdragen dat de afstand tussen bestuur en achterban in verschillende opzich­ten ver­kleind zou worden. Het hoofdbestuur zag deze bijeenkom­sten vooral als een instrument om uitvoe­ring te geven aan zijn taak het ge­meen­schappelijke binnen de principiële kaders van de partij te benadrukken. Daarnaast hoopte het op deze wijze de ruimte te bieden aan verschillende opvattingen over zaken die het wezen van de partij niet raakten, zodat een polarise­rend werken­de vleugel­vorming vermeden zou worden. Aandacht zou ook worden besteed aan de komende gemeenteraads­verkie­zingen en eventuele vragen met betrekking tot samenwer­king met andere partijen. Wat betreft het publiek op deze bijeenkomsten dacht het hoofdbestuur aan de regionaal opereren­de partijorganen en stu­die­verenigingen, waarbij de nadruk op bestuursleden zou moeten liggen. Van de zijde van het hoofdbe­stuur zouden mini­maal drie leden (on­der wie ten minste één lid van het dage­lijks be­stuur) en de alge­meen secre­taris aanwe­zig zijn, met daar­naast zo mo­gelijk één SGP-parle­mentariër. In het najaar van 1996 vonden vier regionale bij­eenkomsten plaats.

toelichting beginselprogramma

Begin september verscheen het boek Toelichting op het Program van Beginselen van de Staatkun­dig Gereformeerde Partij, de eerste complete toelichting op het SGP-beginselprogramma in de geschiedenis van de partij. Het hoofdbestuur van de SGP had de tekst van deze publicatie in haar vergadering van 6 januari vastgesteld. De tekst was samengesteld door een in 1990 inge­stelde commissie van twaalf personen, die onder voorzitter­schap stond van de oud-SGP-voorzit­ter ds. D. Slagboom.

internationale contacten

Op 3 en 4 mei vond een mede door de SGP georganiseerde confe­rentie over gemeentepolitiek plaats in Boedapest. Er werd on­der meer gesproken door SGP-senator G. Holdijk. Hij voerde eveneens het woord tijdens een confe­rentie in Cluj (Roemenië) op 2 en 3 juli waar het­zelfde onderwerp aan de orde was. Van 16 tot en met 20 september bezocht een delegatie uit Honga­rije en Roeme­nië de SGP. Het werkbezoek ging over de praktische wer­king van de drie bestuurslagen in Nederland (Rijk, provin­cie en gemeen­ten).

verwante instellingen en publicaties

De Guido de Brèsstichting, het studiecentrum van de SGP, pu­bliceerde in 1996 een vijftal 'commentaren'. In Het referen­dum op­nieuw bezien zette J. Weggeman de princi­piële en praktische bezwaren van de SGP tegen een correctief wetgevings­refe­ren­dum uiteen. Het waterschap boven water van de hand van D.J.H. van Dijk verschafte informatie over de waterschappen - die zich de laatste tijd hadden ontwikkeld tot een volwaardig lichaam van openbaar bestuur. J. Mulder, de directeur van het SGP-studie­cen­trum, en A. Weg­ge­man betoogden in Onder­wijs als aanhouden­de zorg van de ge­meente, dat de kabinetsvoor­stellen met be­trek­king tot de rol van de gemeenten in het onderwijs botsten met artikel 23 van de grond­wet. A. van Maldegem en J. Jansen wezen in Zuinig en zorg­zaam: vi­sie op toekomstig energie­beleid het gebruik van kern­ener­gie af - een bin­nen de SGP opmerkelijk standpunt. Het laatste commen­taar verscheen van de hand van P.C. van Olst, Uiten binnen de perken: over de grenzen van de vrij­heid van menings­uiting en betoging. Hij was van mening dat een burge­meester een beto­ging niet alleen om redenen van te verwachten ordever­storing moest kunnen verbie­den, maar ook een zekere bevoegdheid diende te krijgen om op inhou­delijke gron­den een betoging te weren.

Naast de commentaren publiceerde de De Brèsstichting een twee­tal nota's. Tegen het einde van de zomer verscheen Ver weg en toch dicht­bij: SGP-visie op buiten­lands beleid. Een werkgroep onder voorzit­terschap van W. Fieret met J.H. Visser als redac­teur beschreef hierin de staat­kundig-gere­for­meerde visie op de inter­na­tionale verhoudingen. De nota Weer wat nieuws!: een kritische blik op staatkun­dige vernieu­wingen besteedde in het bijzonder aan­dacht aan het refe­rendum en het kiesstelsel. De studie werd ge­schreven door J. Weggeman onder auspiciën van een werk­groep onder voorzitter­schap van Hol­dijk. Een al dan niet ge­matigd districtenstelsel wees deze werkgroep beslist af. Dat was niet het geval met het Duitse kiesstelsel, maar ook hier­bij werden toch vraagtekens ge­plaatst.  

Op 27 september organiseerde de Guido de Brèsstichting in sa­menwerking met de LVSGS/SGP-jongeren een studentenbijeen­komst op het Binnenhof over het thema 'Moet de SGP veranderen om de­zelfde te blijven?'. Sprekers waren het Zuid-Hollandse SGP-Staten­lid M. Houtman en L.J. Molenaar, sympa­thisant van de Lande­lijke Stichting ter bevordering van de Staatkundig Gere­for­meerde beginselen. Op 1 november belegde het SGP-studie­cen­trum een congres over 'alternatieve leefvor­men'. Er werd onder meer gesproken door Holdijk en ds. W.Chr. Hovius, die in 1993 was afgetreden als SGP-voorzitter omdat hij zich niet met het standpunt van het hoofdbestuur aangaande het lidmaat­schap van vrouwen kon verenigen.

De Stichting Voorlichtings- en Vormingscentrum (SVV) van de SGP or­ganiseerde op 7 juni een congres over lokaal onderwijs­be­leid. Staatssecreta­ris T. Netelenbos van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen behoorde tot de sprekers. Op 11 oktober or­ganiseerde de SVV samen met het hoofdbestuur een congres voor met name SGP-bestuurders en kerkenraadsleden. Het onder­werp was 'stille armoe­de'. Onder anderen politiek leider Van der Vlies hield een inlei­ding. Over hetzelfde thema had de SVV in mei  - nu in samen­werking met de LVSGS/SGP-jongeren - een brochure uitgege­ven, getiteld Stille armoede in een rijk land, geschreven door J.R.C. Jansen. Deze informatie­ve brochure was speciaal bestemd voor kerkelijke diaconie­n.

De LVSGS/SGP-jongeren hielden op 13 april hun jongerendag. Het thema was 'Brandpunt Jeruzalem'. Voor zo'n duizend bezoekers sprak onder meer het Tweede-Kamerlid van D66 J.Th. Hoekema over het vredesproces tussen de Israëli's en de Pale­stijnen. Op deze bijeenkomst presenteerde de SGP-jongerenorga­ni­satie ook een 'Israël-manifest', dat op 15 april aan de Israëli­sche ambassadeur werd aangeboden. Het manifest stelde onder andere dat Jeruzalem de enige en ondeelbare hoofdstad van de staat Israël en het joodse volk was.

De SGP-jongeren waren ook actief op het terrein van de nieuwe media zoals Internet. Op 23 maart was er een bezin­ningsavond 'Omgaan met nieuwe media' en op 30 maart een kader­dag over dit onderwerp. Bovendien waren er in het najaar een aantal regio­nale bijeen­komsten over Internet.

Op 8 juni organiseerden de SGP-jongeren een bezinningsbijeen­komst over drugs. Tot de sprekers behoorde Tanis. De jaarver­gadering van de LVSGS/SGP-jongeren was op 3 mei.

Op 1 november was er een studieconferentie over het thema 'SGP-jongeren op weg naar 2000'. Het staatkundig-gereformeerde Eerste-Kamerlid Van den Berg voerde er onder meer het woord.

De SGP-jongerenorganisatie liet in 1996 twee publicaties het licht zien. In mei verscheen de 'Info-schets': Ontoelaatbare reclame toch toegelaten, geschreven door W.A. Zondag, lid van de sectie Info-zaken van de LVSGS/SGP-jongeren. In december werd de brochure Vijftig jaar Verenigde Naties: hoedster van vrede en veiligheid gepubliceerd, geschreven door W. Vasten­houd. In dit geschrift werd het traditioneel sterk afwijzende stand­punt van de SGP ten aanzien van de Verenigde Naties dui­delijk genuanceerd.

Laatst gewijzigd: 1 25-11-2020 08:59:02