SGP jaaroverzicht 1992

Uit: P. Lucardie, I. Noomen en G. Voerman, 'Kroniek 1992. Overzicht van de partijpolitieke gebeurte­nissen van het jaar 1992' in: G.Voerman (red.), Jaarboek 1992 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen 1993), 13-52, aldaar 45-48.

inleiding

Discussie over een tweetal onderwerpen dreigde in 1992 de een­heid binnen de SGP te verstoren. Het eerste betrof de wense­lijkheid van het lidmaatschap voor vrouwen, het tweede ging over de vraag of en zo ja, in hoeverre de partij gebruik moest maken van radio en televisie.

Algemene Vergadering

De Algemene Vergadering van 29 februari ging als een bijzonde­re bijeenkomst de geschiedenis in en kreeg veel aandacht in de pers, omdat er voor het eerst enkele vrouwelijke leden bij aan­­we­zig waren. De problematiek van het openstellen van het SGP-lid­maatschap voor vrou­wen speelde al geruime tijd. In au­gus­tus 1991 had het hoofd­bestuur - naar aan­leiding van het lid­maat­schap van een tiental vrouwelijke leden in de kiesver­eniging Den Haag - een schrij­ven doen rondgaan waarin met name op bij­belse gronden het vrou­wenlid­maatschap werd verbo­den (zie Jaar­boek 1991 DNPP, blz. 55). Het Haagse lid mevr. H. Gra­bijn-van Putten kon zich hier niet in vin­den. Haars inziens verbood de bijbel namelijk alleen func­ties voor vrou­wen in de kerk, maar niet in maat­schap­pelijke organi­saties of politieke par­tij­en. Om haar actieve betrok­ken­heid bij de SGP te onderstre­pen, trachtte ze de formeel voor alle partij­leden toeganke­lijke Alge­me­ne Verga­de­ring bij te wonen. Aanvan­kelijk werd haar een plaatsbe­wijs ontzegd, maar na het dreigen met een kort geding wist ze toch haar zin te krijgen. Ondanks de om­streden aanwe­zigheid van de vrouwen verliep de verga­dering zelf rustig. Namens het hoofd­be­stuur legde D. Slagboom een verkla­ring af waarin werd toege­zegd dat het bestuur zich opnieuw zou beraden over de plaats van vrou­wen binnen de partij (zie hieronder ook 'vrou­wen en de SGP').

Op de agenda stond verder de verkiezing van leden van het hoofdbe­stuur. A. de Boer en M. Burggraaf werden herkozen. De vergadering nam afscheid van C. Harinck en  M. Houtman. In hun plaats werden respectievelijk C.A. van Dieren en A. van Stuij­venberg geko­zen. Ook dit jaar hield de voorzitter van de SGP-Tweede-Kamer­fractie, B.J. van der Vlies, zijn gebruikelijke partijrede, getiteld Ten schild gezet.

vrouwen en de SGP

In het najaar deed het hoofdbestuur een brief uitgaan aan de kiesvereni­gingen ter voorbereiding van een huishoudelijke ver­gadering op 16 januari 1993 over de betrokkenheid van de vrouw bij de SGP. Deze vergadering, die niet voor alle partijleden maar slechts voor afgevaardig­den van de kiesver­enigingen toe­gankelijk zou zijn, moest een begin maken met een defini­tieve standpuntbepaling over deze al tien jaar spelende kwes­tie. De brief behelsde een drietal 'model­len' - vanwege het tot niets verplichtende karakter nadrukke­lijk geen voor­stellen genoemd:  een onvoor­waardelijk 'nee' tegen alle be­trokken­heid van vrou­wen bij de SGP; een constructie die het lid­maatschap van vrou­wen uitsloot maar hun betrokken­heid niet; en het aan de kies­vereni­gingen overlaten of zij vrouwen als lid willen ac­cepte­ren. De vergadering zou opiniërend en niet besluitvor­mend van karakter zijn. Vervolgens zou het hoofdbestuur aan de hand van de uit­komsten van de discussie een definitief voor­stel maken, dat zo spoedig mogelijk in een volgende huishoude­lijke verga­dering aan de orde zou komen.

SGP en de media

M. de Bruyne, voorlichter van de Tweede-Kamerfractie van de SGP, gaf in april een spraakmakend interview in het reformato­rische opi­nieblad Koers, waarin hij pleitte voor het beter be­nut­ten van radio en televisie voor het uitdragen van de SGP-standpun­ten. In de politieke praktijk gebeurde dit ook wel, ofschoon de officiële visie van de partij - vastge­legd op een Algemene Vergadering in 1960 - was dat SGP-verte­genwoor­di­gers niet actief zouden meewerken aan radio- en televisiepro­gram­ma's. Redenen voor dit standpunt waren de angst voor het door­dringen van wereldse tendensen binnen de partij en het feit dat de rege­ring niet bereid was programma's die naar de mening van de SGP schadelijk waren, te censureren. De Landelijke Stichting ter Bevor­dering van de Staatkundig Gereformeerde Beginselen (een con­servatieve groep van (ex)-leden van de SGP) nam in haar blad In het SGPoor nadrukkelijk stelling tegen iedere vorm van radio- of televisiegebruik.

internationale contacten

Via kerkelijke kanalen legde de SGP contact met een geestver­wante par­tij in Hongarije: de Szabad Demokratak Szövetsége (SzDSz). In mei reisde een Nederlandse delegatie naar Honga­rije en in november brachten de Hongaren een tegenbezoek. Op verzoek van de SzDSz ontwikkelde de SGP een 'politiek bewust­wordings­project'. Dit project was bestemd voor de hoogste klassen van gymnasia met als onderwerp 'een gelovig mens in de politiek'.

verwante instellingen en publikaties

De Stichting Studiecentrum (SSC), het wetenschappelijk bureau van de SGP) - dat zich in het begin van het jaar Guido de Brès­stich­ting ging noemen - organiseerde in juni een congres met als thema  'Europa in beweging: de plaats van de EG in het nieuwe Euro­pa'. Op de bijeenkomst werd een nota gepresenteerd met dezelfde titel. De auteur, J.J. Verboom, ging in op de ver­an­deringen in Oost-Europa en Duitsland. Hij benadruk­te dat binnen de Europese Gemeenschap de positie van kleine lid­staten zoals Nederland niet mag worden ondergraven.

In februari publiceerde de Guido de Brèsstichting officieel de vorig jaar al gereed gekomen nota Ge­lijkheid als dwang: eman­cipatie en overheidsbe­leid, geschre­ven door een werkgroep on­der leiding van J. Mulder. Verder liet de Stichting nog twee publikaties het licht zien: Keuzen in de zorg, geschreven door H.F. Massink en J.J. Pol­der, dat een commentaar behelsde op het regeringsrapport Kie­zen en delen van de commissie-Dunning over de reorganisatie van de gezondheidszorg; en Levensbeëin­digend handelen bij lang­durig comatueuze patiënten van de hand van G. Holdijk, J. Mulder en W.L.H. Smelt.

Ook het Landelijk Verband van Staatkundig Gereformeerde Stu­die­verenigingen (LVSGS/SGP-jongeren) publiceerde een boek, ge­schreven door A.A. van der Schans: Kuyper en Kersten: ijve­raars voor de herkerste­ning van onze samenle­ving. Hierin kwa­men met name de opvattingen van beide christelijke voor­man­nen aan de orde.

De redactie van het SGP-jeugdblad Klik, bestemd voor jongeren van twaalf tot zestien jaar, werd in 1992 door het LVSGS-be­stuur uit haar functie ontheven. Dit was het gevolg van kri­tiek op vormgeving en inhoud van het blad. De Landelijke Stich­ting ter Bevordering van de Staatkundig Gereformeerde Be­ginselen had in haar blad In het SGPoor ook al haar gram geuit over het popu­laire taalgebruik en eigen­tijdse uiterlijk van het tijd­schrift. Ook vond men dat in het jeugdblad de SGP-begin­se­len onvoldoende uit de verf kwamen.

Het Landelijk Verband van SGP-gemeentebestuurders hield op 3 april zijn jaarlijks congres in Zeist, dat onder andere han­delde over 'de overheid en de vrijheid van onderwijs'.

Ten be­hoeve van allen binnen de partij die betrokken zijn bij de ge­meentepolitiek verscheen vanaf januari het tijd­schrift Doel­­wit, een uitgave van de Stichting Voorlichtings- en Vor­mings­centrum van de SGP. Het werd maandelijks als blauw katern met afwijkend formaat in het partij­blad De Banier gevoegd.

De Landelijke Stichting ter Bevordering van de Staatkundig Ge­refor­meerde Beginselen nam in het voorjaar afscheid van haar voorzitter L.J. Molenaar, die tevens zes jaar eindredacteur van In het SGPoor was geweest. Na zijn vertrek fungeerde P.H. op 't Hof als waarnemend voorzitter.

personalia

Op 2 januari overleed de predi­kant H.G. Abma op 74-jarige leef­tijd. Van 1961 tot 1985 was hij voorzitter van de SGP. Het lidmaat­schap van de Tweede Kamer vervulde hij van 1963 tot 1981, vanaf 1971 als fractie­voorzit­ter. Van 1981 tot 1986 maakte hij deel uit van de Eerste Kamer. Tevens was hij van 1969 tot 1985 hoofdredacteur van De Banier.

Partijvoorzitter Slagboom legde op 1 oktober om persoonlijke re­denen zijn functie neer, die hij vanaf 1986 had bekleed. De hoofdbestuursleden W. Chr. Hovius, D.J. Budding en J.D. Heij­kamp namen tijde­lijk zijn taken over.

Laatst gewijzigd: 1 24-05-2012 14:25:50