SGP jaaroverzicht 1986

Uit: L. Koeneman, P. Lucardie en I. Noomen, 'Kroniek 1986. Overzicht van de partijpolitieke gebeurte­nissen van het jaar 1986' in: R.A. Koole (red.), Jaarboek 1986 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen 1987), 15-61, aldaar 50-53.

inleiding 

Voor de SGP was 1986 een betrekkelijk rustig jaar. In januari haalde echter een bericht de pers dat het Eerste Kamerlid voor de SGP H.G. Abma lijst­trekker was geworden van het plaatselijk samenwerkingsverband Gereformeerde Gezindte Putten (GGP), dat samen met de RPF aan de gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart wilde deelnemen. De SGP‑kiesvereniging van Putten, die met een eigen lijst uitkwam, protesteerde hier echter tegen. Zij vond het "onaan­vaardbaar" dat een lid van de SGP lijsttrekker zou worden van een andere plaatselijke combinatie. Het Hoofdbe­stuur werd opgeroepen een duidelijke uitspraak te doen over deze kwestie. In het partijblad De Banier betreurde waarnemend voorzitter D. Slagboom het dat deze berichten naar de pers waren uitgelekt, maar ging verder niet op de zaak in. Op de besloten Algemene Vergadering van 22 februari in Utrecht liet het Hoofdbestuur echter weten dat men het uitkomen met twee lijsten afkeurde en bezig was met een verzoe­nings­poging. De Landelijke Stichting tot Handhaving van de Staatkundig Gere­for­meerde beginselen (een oppositionele conservatieve vleugel binnen de partij), die tegenstander was van lijstverbindingen met RPF en GPV verweet het Hoofdbestuur in haar blad een gelaten en afwachtende houding.

  Een ander agendapunt van de Algemene Vergadering van 22 febru­ari was de verkiezing van leden van het Hoofdbestuur. Met grote meerderheid van stemmen werd de Katwijkse predikant W.Chr. Hovius gekozen in de vacature Abma. Abma was in 1985 uit het Hoofdbestuur getreden, omdat hij het niet eens was met de benoeming van B.J. van der Vlies tot lijsttrekker voor de Tweede Kamer­verkiezingen van 1986. J. Pijl en P.H.D. van Ree werden herkozen als Hoofd­bestuursleden. Fractievoorzitter Van Rossum hield een rede getiteld "Wijk af van het kwade, doe het goede", waarin hij onder andere zei dat hij het "verdacht" vond dat de grote partijen de euthanasie buiten de verkie­zingsstrijd wilden houden. "Over een zaak van leven en dood mag juist niet worden gezwegen wanneer de kiezers worden aangesproken", aldus Van Rossum. De euthanasiewetgeving was overigens een herhaaldelijk terugkerend thema binnen de par­tij. In De Banier werden er een aantal artikelen aan gewijd. In januari stelde de SGP‑fractie in een persbericht vast dat de 'proeve' van wetgeving van het kabinet uitging van het zelfbeschikkingsrecht van de mens. "Vanuit het Goddelijk gebod "Gij zult niet doodslaan" wijzen wij dit stand­punt resoluut van de hand", aldus de fractie.

verkiezingen

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart verloor de SGP in totaal een gering aantal zetels (van 323 naar 314). In ruim honderd gemeenten partici­peerde de partij in een combinatie met GPV of RPF of beide. In Putten be­haalde de combinatie GGP/RPF drie zetels, de SGP daarentegen maar één. Bij de Eerste Kamerverkiezingen van 20 mei behield de SGP haar twee zetels. G. Holdijk kwam als nieuwe senator in de plaats van Abma.    

Op 20 februari presenteerde de SGP haar programma voor de Tweede Kamer­verkie­zingen. Het was voor het eerst in het be­staan van de partij dat dit op een persconferentie gebeurde. Een aantal aandachtspunten van het program: abortus, in‑vitro‑fertilisatie (de reageerbuisbaby‑methode) en euthana­sie worden afgewezen; de overheid moet alles doen om zondags­ontheiliging te voorkomen; de diplomatieke banden met Zuid‑A­frika moeten gehandhaafd blijven, geen economische boycot; een strenge aanpak van drugsgebruik (verplicht afkicken), harde criminaliteit (desnoods via de doodstraf voor "levensdelic­ten"), gokspel en loterij ("God‑onterend en mensonwaardig"), pornografie en de ongecontroleerde handel in videobanden. Tevens bleef de partij zich verzetten tegen vrouwenemancipatie en tegen pogingen om alter­natieve samenlevingsvormen gelijk te stellen met het huwelijk. Van der Vlies, die als lijsttrekker fractievoorzitter Van Rossum op zou volgen zei bij de presen­tatie van het program dat de SGP een eventueel minderheids­kabinet van CDA en VVD alleen zou steunen als deze partijen bereid zouden zijn op principiële punten als euthanasie, abortus en zondagsheiliging de SGP tegemoet te komen. Een eventuele deelname aan de regering vormde een onderwerp van discussie in de partij, toen opiniepeilingen aanvankelijk geen meerderheid voorspelden voor de regeringspartijen CDA en VVD. Zo publiceerde het Hoofdbestuur van de SGP in maart een nota over "het dragen van bestuur­lijke verantwoordelijkheid". Het bestuur schreef dat de SGP zich in hoofd­lijnen wel kon vinden in het economisch beleid van het CDA‑VVD kabinet. Als aan een aantal principiële voorwaarden werd voldaan, zou de partij "het dragen van regeringsverantwoordelijkheid, hoe moeilijk ook, niet mogen schuwen". Verder wilde de SGP dat de band tussen het kabinet en de Kamer­fracties waarop het steunde, losser werd. "Een regeringsprogramma moet niet al te gedetai­leerd zijn, maar een zekere vrijheid laten", aldus het be­stuur.

In de verkiezingscampagne richtte de partij zich met name tot jonge kiezers. Een werkgroep, die was ingesteld om de oorzaken van het stemmenverlies bij de Tweede Kamerverkiezingen van 1982 te achterhalen was namelijk tot de conclusie gekomen dat de SGP‑aanhang sterk vergrijsd was. Een direct gevolg van dit zelfonderzoek was het aanwijzen van de voor SGP‑begrippen jonge Van der Vlies (43) tot nieuwe lijstaanvoerder. In de maanden voorafgaand aan de verkiezingen werden twee drukbe­zochte jongerendagen gehouden. In de campagne beperkte de SGP zich niet langer tot de eigen achterban, maar presenteerde zich ook op scholen en markten. Bovendien werden openbare verkiezings­bijeen­komsten gehouden, sommige samen met GPV en RPF. Dat de partij meer naar buiten trad bleek ook uit het feit dat Van der Vlies soms op de televisie te zien was. Tot nog toe had de SGP niet willen tornen aan haar principiële bezwaren tegen dit medium. Vrouwen waren echter nog steeds niet welkom in de partij. Een werkgroep was zich aan het beraden of vrouwen mochten stemmen, een merkwaardige zaak, omdat een belangrijk deel van het SGP‑electoraat uit vrouwen bestaat. De uitkomst van de studie werd begin 1987 verwacht.    

Bij de verkiezingen van 21 mei wist de SGP, die een lijstver­binding met GPV en RPF was aangegaan, haar drie zetels te behouden, waarbij de derde zetel een restzetel was. Dit hield in dat Van der Vlies, C.N. van Dis en J.T. van den Berg in de Kamer waren gekozen. Relatief ging de partij achteruit van 1,9% naar 1,8% van de stemmen, doch absoluut was er lichte stemmenwinst. Verhoudingsgewijs waren er meer jonge kiezers dan in 1982. Opvallend was verder dat in de katholieke provin­cies Noord‑Brabant en Limburg het stemmen­aantal procentueel het meest toenam. In Zuid‑Holland viel het resultaat tegen. In De Banier werd hierbij aangetekend dat in Katwijk ongeveer 300 stemmen voor de SGP naar de CPN gingen tengevolge van storin­gen met de elec­tro­nische stemmachines die daar gebruikt wer­den.    

In 1986 namen twee belangrijke SGP‑voormannen afscheid van de politiek. Van Rossum, die in 1985 65 jaar was geworden, trad uit de Tweede Kamer waarvan hij 18 jaar lid was geweest, vanaf 1981 als fractievoorzitter. Ook van Abma, oud‑voorzitter van de partij en gedurende 23 jaar voor de SGP in Tweede en daarna Eerste Kamer, nam de partij afscheid. Slagboom, die in juli door het Hoofdbestuur was aangewezen als nieuwe voorzitter, noemde hem in een herdenkingsartikel in De Banier "iemand die zich met grote wijsheid" voor de partij had ingezet.

In 1986 publiceerde de SGP twee nota's. In opdracht van het Studiecentrum van de partij schreef een werkgroep een discus­siestuk over sociale zekerheid onder de titel "Sociale zorg... onze zorg!" De nota gaf een bescheiden aanzet tot een princi­pieel verantwoord alternatief voor het huidige uitkeringssys­teem. De tweede publikatie van het Studiecentrum had als titel "Werkloosheid: SGP‑nota over het probleem van de werkloos­heid". Naast de historische, sociale, economische en politieke aspecten van het probleem kwam de verstoorde relatie van de mens met God aan de orde. 

 

 

 

Laatst gewijzigd: 1 24-05-2012 14:28:53