De ledenloze partij – het model van de toekomst?

1 juni 2015 | Gerrit Voerman | De Hofvijver

De gedachte dat politieke partijen leden nodig hebben om hun functies in de parlementaire democratie te vervullen, is gemeengoed. Om een verkiezingsprogramma op te stellen is de inbreng vereist van leden die hun oor te luister leggen in hun omgeving en zo weten wat er in de samenleving speelt. Om kandidaten te kunnen stellen voor vertegenwoordigende lichamen moeten partijen leden hebben die de beginselen en het programma van de partij onderschrijven. Om inkomsten te genereren en niet uitsluitend afhankelijk te zijn van grote geldschieters of overheidssubsidie, is de contributie van de leden broodnodig. Om de legitimiteit van de partij te onderstrepen zijn niet alleen kiezers onontbeerlijk, maar ook leden. Om het contact tussen de samenleving en de staat te onderhouden, zijn ledenpartijen noodzakelijk die als intermediair fungeren.

Kortom: een partij kan niet zonder leden –  en hoe meer het er zijn, hoe beter. Toch zijn er ook argumenten te noemen waarom partijen afzien van leden. In de eerste plaats beperken leden, in combinatie met de interne partijdemo­cratie, de responsiviteit van de partijleiding. Juist in een steeds volatieler wordende electorale omgeving zou de partijtop gebaat zijn bij een zo groot mogelijke autonomie om slagvaardig te kunnen inspelen op de veranderende wensen van de moderne kiezer. Verder kan invloed van de leden enerzijds de inhoudelijke coherentie en helderheid van het verkiezingsprogramma schaden, en anderzijds bij de kandidaatstelling leiden tot minder representatieve kandidatenlijsten, aangezien  bepaalde groepen (zoals jongeren en vrouwen) in de partij ondervertegenwoordigd zijn. In een notendop: leden kunnen de speelruimte van de partijleiding inperken, de eenheid van de partij ondermijnen en haar herkenbaarheid voor de kiezer aantasten.

Lees verder

Laatst gewijzigd: 1 01-06-2015 14:12:36