Europese verkiezingen 1999

Uit: B. de Boer, P. Lucardie, I. Noomen en G. Voer­man, 'Kroniek 1999. Overzicht van de partijpolitieke gebeurte­nissen van het jaar 1999' in: G.Voerman (red.), Jaarboek 1999 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen 2000), 13-92, aldaar 18-20.

Europese Parlementsverkiezingen 1999

Het Europees parlement werd in de lidstaten van de Europese Unie in de periode 10-13 juni gekozen; in Nederland werd op 10 juni gestemd. De campagne was in mei nogal traag op gang gekomen - de samenwerkende protestants-christelijke partijen GPV, RPF en SGP openden als eerste hun campagne op 11 mei met de presentatie van hun verkiezingsprogram, andere partijen deden dat pas eind mei. De campagne trok over het algemeen weinig belangstelling en werd in het nieuws overschaduwd door de dreigende val van het kabinet en de discussie over de Bijlmerramp. Bijeenkomsten werden matig of slecht bezocht. Voor zover burgers zich al bij de Europese politiek betrokken voelden, was dat vaak negatief gekleurd: men stelde vooral vragen over corruptie en fraude. De kritische analyse van J. Dohmen, die onder de ironisch aandoende titel Europese idealisten in april verscheen, versterkte dit nogal sombere beeld. Alle Nederlandse lijsttrekkers distantieerden zich van dit beeld en stemden in met een gedragscode inzake salaris, pensioen en onkostenvergoedingen die door een accountant gecontroleerd zou worden. Bij een lijsttrekkersdebat op 6 juni voor Radio 1 deelden alle deelnemers de zorg over een lage opkomst en over het 'zakkenvullers-imago' van de Europarlementariërs. Behalve de VVD toonden de lijsttrek­kers weinig vertrouwen in de kandidatuur van F. Bolkestein voor de Europese Commissie, gezien de sceptische uitspraken die de liberale partijleider in het verleden had gedaan over Europese integratie.

tabel uitslag verkiezingen Europees Parlement 10 juni 1999

 

 1994

%

1994

zetels

1999 

%

1999

 zetels

CDA

  30,8

   10

  26,9

    9

PvdA

  22,9

    8

  20,1

    6

VVD

  17,9

    6

  19,7

    6

GroenLinks

   3,7    1  11,9     4

GPV/RPF/SGP

   7,8    2   8,7    3

D66

  11,7

    4

   5,8

    2

SP

   1,3

    0

   5,0

    1

DEP

     -    -   0,7    0

CDa)

   1,0

    0

   0,5

    0

EVPN

     -

    -

   0,4

    0

Lijst Sala

     -

    -

   0,3

    0

overige

   2,9

    0

    -

    -

totaal

 100,0%

   31

 100,0%

   31

opkomst

  35,6

   

  29,9

   

 

a)De CD nam in 1999 deel onder de naam Conservatieve Democraten.

Bron: de Volkskrant, 14 juni 1999.

De opkomst lag net onder de 30%: een dieptepunt, niet alleen in Nederland maar ook in Europa. Politicologen zoals de Amsterdamse hoogleraar C. van der Eijk weten dit vooral aan het feit dat de verkiezingen vrij kort op Tweede-Kamerverkiezingen volgden. Tweede-rangsverkiezingen, zoals deze Europese verkiezingen, zou­den alleen nog redelijk veel kiezers kunnen trekken wanneer ze vrij kort voor eerste-rangsverkiezingen plaats vinden. Hij be­schouwde de lage opkomst dan ook niet als teken van onvrede met de Europese Unie. Waarom de opkomst in 1999 nog ruim 5% lager uitviel dan in 1994 wordt hiermee echter niet verklaard; immers, in 1994 volgden de Europese verkiezin­gen nog korter op Tweede-Kamerverkiezingen dan nu.

Nieuwe partijen slaagden er in 1999 evenmin in, kiezers te trek­ken. Drie nieuwkomers hadden zich bij de Kiesraad ingeschreven: De Europese Partij (DEP), die de Europese integratie meer vaart wilde geven dan de overige partijen; de Lijst-Sala, opgericht door de Amsterdamse ondernemer en dichter L.H.D.J. Sala; en het Europees Verkiezers Platform Nederland (EVPN), een samenwerkings­verband tussen Nederland Mobiel, de ouderenpartijen AOV en Unie 55+, Surinaamse en Nederlands-Indische groeperingen en onaf­hankelij­ken, geleid door J. L. Janssen van Raay. Laatstgenoemde was van 1979 tot 1984 en van 1986 tot 1999 lid van het Europees Parlement geweest. In 1996 was hij mede wegens belangenverstrengelingen uit de fractie van CDA en EVP gezet (zie Jaarboek 1996 DNPP, blz. 33-34), waarop hij zich aangesloten had bij de vooral door Franse gaullisten gedomineerde Unie voor Europa. Het EVPN zou zich eveneens bij de Unie voor Europa aan willen slui­ten. Zowel EVPN als Sala stonden gereserveerd tegenover verder­gaande Europese integratie, maar wezen die niet zo onomwonden af als de prote­stants-christelijke partijen en de SP.

In het Europees Parlement vormde de Europese Volkspartij (EVP), waarbij het CDA was aangesloten, met 233 zetels de grootste fractie. Op de tweede plaats kwam de Partij van de Europese Sociaal-democraten (PES), waarvan de PvdA deel uitmaakte (180 zetels). De Europese Liberalen en Democraten (ELD(R)), waarvan zowel D66 als VVD lid waren, behaalde vijftig zetels. De fractie Groenen/Vrije Europese Alliantie (met GroenLinks) telde 48 zetels. De SP sloot zich aan bij de fractie Europees Verenigd Links (42 zetels). De leden van GPV, RPR en SGP traden toe tot de fractie Europa van Demo­cratieën in Ver­scheidenheid (EDV), die zestien zetels verwierf.

Laatst gewijzigd: 1 07-05-2014 11:52:41