CDA jaaroverzicht 2005

Uit: J. Hippe, R. Kroeze, P. Lucardie, N. van de Walle en G. Voerman, 'Kroniek 2005. Overzicht van de partijpolitieke gebeurtenissen van het jaar 2005' in: G.Voerman (red.), Jaarboek 2005 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen 2006), 14-98, aldaar 26-35.

inleiding

Het CDA vierde in 2005 zijn vijfentwintigjarig bestaan als partij. In de peilingen bleef de partij vrij stabiel (rond twintig procent van de stem­men, goed voor 30 à 35 zetels). De interne discussie over de koers werd voortgezet, waarbij evenals in 2004 partijleider en premier Jan Peter Balken­ende niet gespaard bleef. Zo verweet de Maastrichtse burgemeester Gerd Leers hem een slechte ‘performance’: hij zou te ver van de mensen af staan (de Volkskrant, 2 juli 2005). De partijtop schaarde zich echter achter de politiek leider, en verwachtte dat het weinig populaire hervormingsbeleid van het kabinet de komende jaren zijn vruchten af zou werpen.

jubileum

Het CDA vierde zijn vijfentwintigjarig bestaan in 2005 met tal van activiteiten, over het hele jaar verspreid, waarvan verslag werd gedaan in de jubileumbundel 25 jaar CDA. Op 16 april vond een conferentie plaats over de C van het CDA in Ede, waar onder meer minister Piet Hein Donner van Justitie en partijvoorzitter Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart het woord voerden. Voorts werd in deelsessies gesproken over het christelijk-sociaal gedachtegoed, islam en christen­dom, het mensbeeld in de zorg, en internationale solidariteit. Op 20 april werd op het partij­bureau in Den Haag een gesprek gehouden over de kernbegrip­pen van het CDA tussen jongeren en ouderen die actief aan de oprich­ting hadden deelgenomen. April werd ook de ‘Maand van de dialoog’ genoemd: bestuurders en kaderleden werden aangemoedigd om huis­kamer­gesprek­ken te voeren met vrienden, buren of vakgenoten om beter te begrijpen ‘wat mensen bezig houdt’.

Op 6 september presenteerde de voorzitter van de jubileumcommissie, Sjaak van der Tak (burgemeester van Westland), het manifest Vertrouwen in mensen. Plaatsbepaling en koers van de christen-democratie. De jubileumcommissie schetste hierin vijf uitdagingen voor de toekomst: duurzame economische groei, de sociaal-economische concurrentie met andere landen, verzorgingsmaatschappij versus verzorgingsstaat, rechts­staat en levensbeschouwing, en staatkundige vernieuwing van de demo­cratie. De conclusies van het rapport zouden op het partijcongres op 5 november worden besproken en vervolgens worden verwerkt in het verkiezingsprogramma voor de komende Tweede-Kamerverkiezingen.

Op 10 september organiseerde de partij een familiefeest in pretpark de Efteling bij Kaats­heuvel. Partijleider Balkenende en partijvoorzitter Van Bijsterveldt gaven elk met een korte toespraak het startsein voor de campagne ‘het CDA komt naar u toe’. ‘Geniet van elkaar, geniet van het CDA!’, zo besloot Balkenende zijn rede (Dagblad van het Noorden, 12 september). Circa drieduizend partijleden bezochten het feest. 

Vier aan de partij gelieerde organisaties – het Christen Democratisch Jongeren Appèl (CDJA), het CDA-Vrou­wenberaad, het Intercul­tureel beraad en het Landelijk ouderenplatform – vierden het jubileum op 8 oktober in Arnhem met een conferentie over solidariteit tussen generaties. Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Maria van der Hoeven schetste verschillende toe­komst­scenario’s.

Op 11 oktober werd het boek 25 jaar CDA tussen macht en inhoud in Den Haag gepresenteerd aan partijleider Balkenende, die reageerde met een rede onder het motto ‘van “opdracht in bescheidenheid” naar “een­heid in verscheidenheid”’. Het boek bevatte interviews met erevoorzit­ter Piet Steenkamp en de (oud-)minister-presidenten Dries van Agt, Ruud Lubbers en Balkenende. Ab Klink en Arie Oostlander, respectievelijk directeur en oud-directeur van het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA, gaven in een epiloog de uitdagingen voor de toekomst aan.

Op 15 oktober vond in de Sint-Janskathedraal te ‘s Hertogenbosch een oecumenische viering plaats waarbij de bisschop Antoon Hurkmans en de predikant Petra van den Burg als voorgangers optraden. Ook op het partijcongres op 5 november in Utrecht werd aandacht besteed aan het jubileum. Partijvoorzitter Van Bijsterveldt sprak over de inspiratie door het Evangelie en legde de nadruk op dienstbaarheid. Tweede-Kamerfractievoorzitter Maxime Verhagen blikte terug op zijn eigen lidmaatschap en sprak over de vier grondbegrippen van het CDA, terwijl partijleider Balkenende zich in zijn toespraak meer op de toe­komst richtte. CDJA-voorzitter Ronald van Bruchem voerde een ‘jubileum­gesprek’ met verschillende generaties van CDA-politici, zoals Van Agt, Wim Aantjes en Til Gardeniers-Berendsen, de eerste vrou­welijke minister van het CDA.

kernenergie en duurzame ontwikkeling

Het kabinet had zich in het regeerakkoord voorgenomen de kerncentrale bij Borssele in 2013 te sluiten. Op 16 februari echter heropende staats­secretaris Pieter van Geel van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Orde­ning en Milieubeheer de discussie over de sluiting. Gezien de hoge sluitingskosten en de behoefte aan duurzame energie zou hij de centrale liever langer open houden. Van Geel kondigde aan een voorstel hierover (in de vorm van een ontwerpconvenant) in januari 2006 aan de Tweede Kamer voor te leggen.

Op 23 juni publiceerde het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA onder verantwoordelijk­heid van een commissie voorgezeten door Renée Janssen-van Rosmalen, technisch natuur­kundige en bestuurslid van het Instituut, het rapport Keuzes voor duurzaamheid. Energie op de drempel van transitie. De tekst was geschreven door Sander Lensink, medewerker van het Centrum voor Energie en Milieukunde van de Rijksuniversiteit Groningen. De commissie wenste kernenergie als optie bij de overgang van fossiele (eindige) naar duurzame energie nadrukke­lijk open te houden en overwoog daarbij ook de bouw van nieuwe kerncentrales. Daarnaast zouden volgens de commissie biomassa, zon en wind als energie­bronnen in Nederland meer aandacht verdienen. 

Ook in het manifest Om een gezond, veilig en leefbaar bestaan. Investe­ren in duurzame ontwikkeling, dat twee dagen later verscheen, werd kernenergie als één van de opties gezien om de uitstoot van kooldioxide te verminderen. Dit manifest, dat voorstellen bevatte voor meer duur­zame energie, duurzame mobiliteit, een duurzame woon- en leefomge­ving en duurzame internationale samenwerking, was opgesteld door een partijcommissie onder leiding van het oud-Tweede-Kamerlid Theo Riet­kerk naar aanleiding van de zogeheten Fontein­avonden die de partij in 2003 op verschillende plaatsen had georganiseerd (zie Jaarboek 2003 DNPP, blz. 43). Duurzame ontwikkeling was daar als belangrijkste onderwerp genoemd. Het manifest werd met enkele wijzigingen door het partijcongres op 5 november in Utrecht goedgekeurd en zou een bouwsteen moeten vormen voor het nieuwe verkiezingsprogramma.

gekozen burgemeester

Al enige jaren verschilden de christen-democraten met elkaar van mening over de vraag of burgemeesters door de bevolking of door de gemeenteraad gekozen dan wel door de Kroon benoemd moesten worden (zie ook Jaarboek 2004 DNPP, blz. 30-31). De Tweede-Kamer­fractie stemde in november 2004 met een directe verkiezing (zoals in het regeerakkoord afgesproken), mits dit niet overhaast ingevoerd zou worden en wanneer bovendien het collegiaal bestuur gehandhaafd zou blijven. Ook de Eerste-Kamerfractie stemde ondanks grote twijfels voor de grondwetsherziening die directe verkiezing mogelijk zou maken (zie ook in deze Kroniek onder ‘hoofdmomenten’). Na het aftreden van minister Thom de Graaf voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties veranderde de Tweede-Kamerfractie niet van standpunt en steunde het ‘Paasakkoord’. Ook al was de door De Graaf gewenste uitvoering in 2006 nu van de baan, binnen het CDA bleef onvrede bestaan. Senator Rob van de Beeten, vice-partijvoorzitter van 1986 tot 1994, achtte het ‘staatsrechtelijk en politiek bedenkelijk’ dat de partijtop de achterban klem zette en het debat hierover smoorde (Trouw, 6 april 2005). Zijn voorstel om over dit onderwerp de leden te raadplegen, vond echter geen gehoor bij de partijtop. Wel werd toegezegd de discussie voort te zetten, mogelijk via een speciale conferentie over bestuurlijke vernieu­wing op lokaal niveau.

referendum Europese grondwet

Op 1 juni werd het referendum over de Europese grondwet gehouden (zie Jaarboek 2005 DNPP, blz. 15-20). Hoewel het CDA geen voorstander was van een volksraadpleging, zou het de uitslag respecte­ren, althans bij een opkomst van tenminste dertig procent en minstens zestig procent voor of tegen – zo stelde de voorzitter van de Tweede-Kamerfractie Verhagen in een vraaggesprek met de Volkskrant (12 februari 2005). Hij vond dat het kabinet aan de campagne voor de grondwet actief mee zou moeten doen en verwachtte dat de kiezer duidelijk ‘ja’ zou zeggen.

Verhagen opende de campagne namens zijn partij op 14 mei in Den Bosch, samen met minister Bernard Bot van Buitenlandse Zaken en de dele­gatieleider in het Europees Parlement, Camiel Eurlings. Het referen­dum kreeg veel aandacht op het voorjaarscongres, dat op 28 mei gehou­den werd in Utrecht. De Belgische oud-premier J.L. Dehaene en het Eerste-Kamer­lid René van der Linden – in januari gekozen tot voorzitter van de Parlementaire Verga­dering van de Raad van Europa – pleitten voor de grondwet. CDA-leider en premier Balkenende deed dit ook in zijn slotrede.

Zowel partijleider Balkenende als partijvoorzitter Van Bijsterveldt reageerden teleurgesteld op de uitslag. Beiden beschouwden de hoge opkomst en intensieve discussies als winstpunten. Van Bijsterveldt wees er op dat volgens peilingen een meerderheid van CDA-kiezers wel voor het verdrag had gestemd.

sociale koers en kritiek De Vries

De sociale koers van het tweede kabinet-Balkenende bleef ook in 2005 onderwerp van discussie. De Basisgroep Sociale Zekerheid diende op het voorjaarscongres in mei een resolutie in om de lasten voor de minima te beperken, die werd aanvaard. Een soortgelijke resolutie was op het najaarscongres in november 2004 aangenomen (zie Jaarboek 2004 DNPP, blz. 28-29). Een voorstel van de Basisgroep om de hypo­theekrenteaftrek ter discussie te stellen – met het oog op de inkomens­ongelijkheid tussen huiseigenaren en huurders – werd echter met een krappe meerderheid verworpen, nadat de partijtop het had afgeraden. Ook een voorstel van het Christen Democratisch Jongeren Appèl (CDJA) om in elk geval een visie te formuleren over dit onderwerp, kreeg geen meerderheid.

Op 1 september verscheen Overmoed en onbehagen, van de hand van Bert de Vries, fractie­voorzitter in de Tweede Kamer (van 1982 tot 1989), minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (1989-1994), en partij­voorzitter ad interim (2001-2002). Het boek bevatte forse kritiek op de ‘neo-conservatieve en neo-liberale koers’ van het kabinet-Balkenende, die volgens De Vries ten onrechte werd voorgesteld als noodzakelijke aanpassing aan objectieve omstandigheden. Hij verweet zijn partij teveel aandacht voor vergrijzing en staatsschuld en te weinig voor sociaal beleid. Partijvoorzitter Van Bijsterveldt nam het boek op 1 september in ontvangst met de verzuchting ‘van je familie moet je het maar hebben’ (de Volkskrant, 2 september 2005). Ze vond dat De Vries een misleidende en teleurstellende karikatuur van zijn partij had gemaakt. Balkenende sloot zich bij dit oordeel aan. De Vries vond de kritiek op zijn beurt ‘niet netjes’ (Trouw 3 september 2005). Hij kreeg overigens ook wel steun binnen zijn partij, onder meer van de initia­tief­nemers van het Nieuw Collectief (voorheen: Christelijk Sociaal Plat­form binnen de Christen-Democratie), Johannes Goossen en Jouke Douwe de Vries, en van Aantjes (CDA-fractievoorzitter in de Tweede Kamer in de jaren 1977-1978) en Marnix van Rij (partijvoorzitter van 1999 tot 2001). Veel kader­leden en lokale bestuurders betreurden echter vooral dat De Vries zijn kritiek naar buiten had gebracht. Het boek werd op verschillende bijeenkom­sten besproken, zoals tijdens een ledendebat in Utrecht op 17 december, waar De Vries onder meer in discussie ging met Herman Wijffels, voor­zitter van de Sociaal-Economische Raad.

gemeenteraadsverkiezingen 2006

Reeds op 27 januari presenteerde Jan Krapels de onder zijn leiding geschreven De levende gemeente. Handreiking gemeenteprogram 2006-2010 aan partijvoorzitter Van Bijsterveldt. Eveneens in januari publi­ceerde het partijbureau een Handboek gemeenteraadsverkiezingen, waarin de procedures voor de kandidaatstelling en de vaststelling van verkiezingspro­gram­ma’s werden uiteengezet. Ook het Steenkamp Instituut – dat scholing en vorming voor CDA-leden verzorgt – publi­ceerde brochures voor de verkiezingen, in het bijzonder voor lokale campagnevoering en werving en selectie van gemeenteraadsleden.

Op 1 december werd Jack de Vries, politiek assistent van premier Balken­ende, benoemd tot campagneleider voor zowel de raadsverkie­zingen als de Provinciale Statenverkiezingen (in maart 2007) en Tweede-Kamerverkiezingen (die toen nog in mei 2007 werden ver­wacht).

Lubbers

In 2004 was oud-premier Lubbers als Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen bij de Verenigde Naties in opspraak gekomen door beschuldigingen over seksuele intimidatie van medewerkers en andere vrouwen in zijn werkomgeving. Een intern onderzoek leek hem in de zomer van dat jaar vrij te pleiten (zie Jaarboek 2004 DNPP, blz. 32). In februari 2005 kwam een vertrouwelijk rapport in de openbaarheid dat tot een andere conclusie leidde. Hoewel Lubbers volhield onschuldig te zijn, gaf hij toe aan de druk om af te treden.

minister Veerman

De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Cees Veerman, kwam in augustus in opspraak, omdat hij als eigenaar van landbouwbe­drijven in Nederland en Frankrijk belang zou hebben bij Europese subsidies. Als minister verdedigde hij het Europese subsidiebeleid – al had hij in juli overigens gedreigd zijn portefeuille neer te leggen als het kabinet hem niet zou steunen in bepaalde hervormingen van dit beleid, waarbij de subsidies zouden worden verminderd. Bij zijn aantreden had Veerman het beheer van zijn bedrijven overgedragen aan een onafhan­kelijke stichting, maar was daarbij blijkbaar niet geheel zorgvuldig geweest. Zijn Franse bedrijf bleef brieven versturen ondertekend door ‘Cornelis Pieter Veerman, président’ (NRC Handelsblad, 30 augustus 2005). De minister gaf toe dat dit niet had mogen gebeuren, maar bena­drukte dat hij zichzelf hiermee niet had verrijkt. In september aan­vaard­de de Tweede Kamer zijn excuses.

verwante instellingen en publicaties

Op 30 maart hield minister Bot van Buitenlandse Zaken in Den Haag de jaarlijkse Norbert Schmelzer­lezing over ‘Het Atlantisch bondgenoot­schap: naar een nieuwe synthese van macht en idealen’. Hij pleitte onder meer voor nauwere samenwerking en informele politieke con­sul­taties tussen de Verenigde Staten en de Europese leden van de NAVO.

De Stichtingsraad van het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA hield op 21 april een openbare vergadering, waar werd gesproken over de positie van Europa in de wereld. Oud-minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin en Van der Linden leidden de discussie in. In opdracht van het Wetenschappelijk Instituut schreef een commissie het rapport Investeren in de samenleving. Een verkenning naar de missie en positie van de maatschappelijke onderneming, dat op 25 januari door Hendrik-Jan de Ru, hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Vrije Universiteit, en directeur Klink van het Instituut werd aangeboden aan minister-presi­dent Balkenende. De positie van de niet op winst gerichte maatschappe­lijke onderneming zou volgens de auteurs geregeld moeten worden in het rechtspersonenrecht, zodat haar bestuurders beter aangesproken zouden kunnen worden op de sociale doelstellingen van hun organisa­ties. Op 25 augustus verscheen De Gordiaanse jeugdknoop. Jeugdbeleid met meer gezin en meer gezag, geschreven door Klink en Peter Cuyvers. Het rapport werd aangeboden aan staatssecretaris Clémence. Ross-van Dorp van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, door voorzitter Van der Tak van de begeleidende commissie. Het rapport bevatte aanbeve­lingen voor een effectievere organisatie van de jeugdhulpverlening. Het Wetenschappelijk Instituut publiceerde op 29 september Vernieuwen met ambi­tie. Welvaartsgroei door maatschappelijke innovatie, geschre­ven door een commissie onder leiding van het oud-Tweede-Kamerlid Hans van den Akker. De over­heid zou volgens de auteurs meer voor­waarden moeten scheppen voor welvaartsgroei en meer moeten investe­ren in de productiviteit van de collectieve sector, in het bijzonder in de gezond­heids­zorg en het onderwijs. Over hetzelfde thema verscheen op 1 december de discussie­notitie Investeren in kenniseconomie. Discussie­notitie over innovatie, arbeidsmarkt en onderwijs, geschreven door een commissie onder leiding van Jan Kees de Jager, ondernemer en penning­meester van het CDA. De Jager presenteerde de notitie aan minister Van der Hoeven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Onder auspiciën van de Commissie Buitenland verscheen in oktober de brochure Interna­tionale samenwerking, voorbereid door een project­team onder leiding van oud-minister van Ontwikkelingssamenwerking Piet Bukman. De auteurs deden een twaalftal aanbevelingen, waarbij de nadruk viel op doelstellingen als partnerschap, maatwerk, duurzaamheid en ondernemerschap.

De jongerenorganisatie van het CDA, het Christen Democratisch Jonge­ren Appèl (CDJA), congresseerde op 20 en 21 mei te Sassenheim en op 25 en 26 november te Mook. In Sassenheim ging premier Balkenende met de jongeren in discussie over de Europese grondwet. In Mook ging oud-minister De Vries in debat met staatssecretaris Joop Wijn van Financiën en werd een bijeenkomst gewijd aan globalisering en ‘green growth’, waarvoor minister Bot een inleiding hield. Op 4 juni organi­seerde het CDJA samen met de jongerenorganisaties van de Christen­Unie, het Christelijk Nationaal Vakverbond (CNV) en het Gereformeerd Maatschappelijk Verbond (GMV) een Christelijk Sociaal Jongerencon­gres in Zwolle over de vraag ‘met wie ben jij solidair?’ 

Het CDA-Vrouwenberaad, de vrouwenorganisatie van het CDA, koos op de ledendag op 2 april in Utrecht de advocaat mevr. A.S.M. Andela als nieuwe voorzitter. De keuze werd door het partij­congres op 28 mei bevestigd. Het jaarthema, de positie van zelfstandige ondernemers, werd onder het motto ‘werk aan de winkel’ ingeleid door onder anderen het Tweede-Kamerlid Annie Schreijer-Pierik.

De CDA-Bestuurdersvereniging hield op 15 april een ledenraad in Utrecht, waar het Tweede-Kamerlid Coskun Çörüz en de Commissaris van de Koningin in Overijssel Geert Jansen het thema ‘grondrechten en decen­trale overheden’ inleidden. De vereniging kreeg per 1 juli een nieuwe secretaris, Dirk Gudde. De Bestuurdersdag, die in Arnhem plaats vond op 8 oktober, stond in het teken van bestuurlijke vernieuwing. Minister Alexander Pechtold voor Bestuurlijke Vernieu­wing en Koninkrijksrelaties gaf hierover zijn mening. Op 11 november koos de ledenraad in Utrecht Jansen tot opvolger van Wim Deetman als voorzitter van de vereni­ging.

De Eduardo Frei Stichting, die zich bezighoudt met ontwikkelingssa­menwerking, organi­seerde op 8 en 9 april te Den Haag in samenwerking met de Nationale Commissie voor internationale samenwerking en Duurzame Ontwikkeling (NCDO) een conferentie over cultuur, religie en ontwikkeling in Afrika, waar voornamelijk buitenlandse gasten het woord voerden. Verder richtte de stichting zich in 2005 vooral op Bulgarije.

De Dertigers, een informele groep CDA-leden tussen de 25 en 40 jaar, hielden op 4 april een discussie over ‘het klimaat wordt hot, duurzaam­heid is cool’ met staatssecretaris Van Geel.

Op 17 februari vond in Leiden een debat plaats over maatschappelijke verantwoordelijkheid bij terrorismedreiging, op initiatief van ‘Club 25’. Een drietal jonge CDA-leden had dit netwerk opgericht voor ‘starters op de arbeidsmarkt’ rond de 25 jaar die belangstelling hadden voor poli­tiek, maar (nog) geen partijlid wilden worden.

In november verscheen ‘Zeg maar Hannie..’ 65 jaar strijdlustig in politiek en samenleving, een levensbeschrijving van het Eerste-Kamer­lid Hannie van Leeuwen van de hand van Ria Jaarsma en Elske ter Veld (beiden tot 2003 Eerste-Kamerleden voor de PvdA).

In januari verschenen voor het laatst het CDA-magazine en de CDA Krant. De twee leden­bladen werden vervangen door één blad, CDA.nl, dat zes keer per jaar zou verschijnen.

personalia

Op 1 januari overleed Willem Scholten, minister van Staat. Hij was lid geweest van de Tweede Kamer voor één van de voorlopers van het CDA, de Christelijk-Historische Unie (1963-1971 en 1972-1976), en vervolgens minister van Defensie (1978-1980) en vice-president van de Raad van State (1980-1997).

Op 11 februari overleed Frans Wolters, die van 1981 tot 1998 Tweede-Kamerlid was geweest.

Op 18 april overleed de Tilburgse hoogleraar staats- en bestuursrecht Alis Koekkoek, sinds 2003 lid van de Eerste Kamer. Van 1994 tot 1998 was hij lid geweest van de Tweede Kamer.

Léon Frissen, burgemeester van Horst aan de Maas, volgde op 1 juli Berend-Jan baron van Voorst tot Voorst op als gouverneur (Commissaris van de Koningin) van Limburg. Van 1986 tot 1994 was hij Tweede-Kamer­lid geweest.

Op 15 augustus overleed Nancy Dankers, lid van de Tweede Kamer van 1994 tot 2002.

Op 3 oktober overleed Jaap Glasz, lid van de Eerste Kamer van 1987 tot 1999.

Op 11 oktober verliet Hubert Bruls de Tweede Kamer, waarin hij in 2002 gekozen was, vanwege zijn benoeming tot burgemeester van Venlo. Hij werd opgevolgd door Raymond Knops, wethouder van Horst aan de Maas.

Laatst gewijzigd: 1 19-11-2020 11:01:08